Tuintips dieren

Een tuin vol leven, dat is beestig. Breng beweging in je tuin en schenk aandacht aan de wezens die het graag hun thuis noemen.

Deel de liefde

Je geniet toch liefst heel het jaar door van je tuin? Wel, de beestjes in je tuin ook. Puzzel je buiten goed bij elkaar en mix de seizoenen. Zo heb je altijd kleur in je hof en is er eten genoeg voor de dieren.

Liefde gaat door de maag

Lok vogels met inheemse bessenstruiken en bijen of hommels met kleurrijke en vooral nectarrijke bloemen. Vlinders in de tuin is even leuk als in de buik, dus zet waardplanten als brandnetel, aurelia en pinksterbloem. Daar zijn hun rupsen verlekkerd op! In ruil zorgen al die insecten voor nog meer leven dankzij kruisbestuiving. Je bloemen zien ze graag komen. Wist je trouwens dat bomen zoals wilg, linde en esdoorn ook belangrijke bronnen van nectar zijn?

Wat ritselt daar in het struikgewas?

Verzamel losse stenen, gebroken bloempotten, dakpannen en een mix van dun en dik hout in een hoekje. Hierin kunnen heel wat dieren schuilen of overwinteren.

Als je de boel netjes wilt houden, kun je ook een egelhuis, bijenhotel of voederhuisje maken. Of je kan een takkenril creëren met dood hout, het ziet er cool uit, en het is leuk om met de kinderen te maken. Daarenboven is het de ideale schuilplaats voor egels en andere kleine zoogdieren.

Foto van struikgewas

Doe het licht maar uit

Creëer een donkere hoek. Een tuin met veel lichtjes is gezellig, maar veel dieren zoals vleermuizen vermijden het licht. Wist je dat een vleermuis per nacht een kwart tot de helft van zijn gewicht aan muggen, motten en spinnen eet? Die superheld wil je toch in de buurt?

Licht uit, biodiversiteit aan!

Stel een vraag

dienst Klimaat, Milieu & Natuur

+32 9 267 78 02